Een boontje voor driekoningentaart

Speciale gelegenheden

Web Driekoningentaart

‘Driekoningen, Driekoningen geef mij een… stukje taart! Op 6 januari smullen we met z’n allen driekoningentaart. Weet jij waar die traditie vandaan komt? En hoe je zo’n lekker exemplaar (mét legendarische boon) maakt?

Volgens de overlevering volgden de 3 wijze koningen uit het Oosten een ster. Die leidde hen op 6 januari naar de pasgeboren Jezus in Bethlehem. Caspar, Melchior en Balthasar offerden goud, wierook en mirre aan de nieuwe ‘koning der Joden’. Deze dag wordt door de christenen gevierd en herdacht als de ‘Driekoningen’.

Traditiegetrouw gaan de kinderen dan van deur tot deur, én wordt er driekoningentaart gegeten. Wat er in de taart zit, varieert. Vaak is dat bladerdeeg, amandelpoeder, eieren, (vanille)suiker én een boon (of een stenen figuurtje of amandelnoot). Wie de boon in zijn stuk taart vindt, is die dag koning(in) én mag de baas in huis zijn!

Wat komt die lekkere taart vandaan?

Daarvoor moeten we naar het pittoreske Franse dorp Pithivier. Koning Karel IX was meteen fan. En ze was zó lekker dat we ze tot op de dag van vandaag nog altijd eten.

In de 17de eeuw dook de driekoningentaart ook in Vlaanderen op. Jan Steen beeldde ze zelfs af in zijn schilderijen.

Oorspronkelijk was Driekoningen het feest van de armen. Elk gezin hield 4 stukken taart opzij. Die werden uitgedeeld aan wie er aan de deur een lied kwam zingen. Mooi toch?

En jij? Vier jij Driekoningen ook met een (zelfgebakken) taart?